Architectuur

Waarom architecten weer een vide tekenen in renovaties

· 6 min leestijd

Wie de afgelopen maanden door bouwtekeningen van Nederlandse renovatieprojecten bladert, ziet één detail steeds vaker terugkomen. Boven de woonkamer verdwijnt een stuk verdiepingsvloer en in plaats daarvan komt er een open ruimte van twee verdiepingen hoog. De vide is terug, en niet alleen in nieuwbouw. Architecten brengen hem juist nu massaal in bestaande huizen, vaak ten koste van een hele slaapkamer.

Dat is opvallend, want de Nederlandse rijtjeswoning werd jarenlang volgepropt: extra slaapkamer op zolder, dichte plafonds, vloeren waar niets aan mag ontbreken. Vierkante meters waren heilig. Nu offeren bouwers zonder pardon zes vierkante meter vloer op om er hoogte voor terug te krijgen. Dat zegt iets over hoe Nederlanders anders naar hun huis kijken.

Wat een vide eigenlijk is

Een vide is een open ruimte tussen twee verdiepingen. Op de plek waar normaal een vloer ligt, kijk je vanaf de eerste verdieping zo naar beneden de woonkamer in. Het effect is direct: licht uit de bovenramen valt door tot op de begane grond, geluid en geur verspreiden zich vrijer, en de woning voelt aanzienlijk groter dan hij is.

Niet elke open ruimte heet een vide. Een trapgat is geen vide, maar een doorbraak voor de trap. Een atrium lijkt er meer op een binnenplaats. Bij een echte vide gaat het om een bewuste architectonische keuze om hoogte centraal te zetten, vaak boven de woonkamer of de keuken.

Waarom de vide nu opduikt

De terugkeer heeft drie oorzaken. De eerste is licht. Door de toenemende bebouwing in steden krijgen veel huizen aan de begane grond minder zon dan tien jaar geleden. Een vide trekt licht van de eerste verdieping naar beneden en werkt vaak beter dan een uitbouw met dakraam. Architecten prefereren om dezelfde reden de lichtstraat boven de lichtkoepel: licht moet diep in het huis komen, niet alleen op één punt.

De tweede oorzaak is dat de open keuken haar grenzen heeft bereikt. Veel architecten vinden de open keuken inmiddels mislukt: te veel geur, te veel rommel in zicht, geen rust. De vide biedt ongeveer dezelfde ruimtelijke beleving zonder die praktische problemen. Je krijgt visuele openheid, maar de keuken blijft een aparte ruimte.

De derde oorzaak is psychologisch. Twee verdiepingen hoog was decennialang een luxe-element, voorbehouden aan villa's en kerken. In een doorzonwoning werkt het juist als contrast. Wat een tussenwoning daardoor wint, valt moeilijk uit te leggen aan klanten die het nog niet hebben ervaren. Eén verticale doorbraak verandert hoe je in de ruimte ademt, zeggen architecten die er vaker mee werken.

Wat het kost en wat het oplevert

De ingreep zelf is relatief eenvoudig. Een aannemer haalt een deel van de verdiepingsvloer weg en plaatst rondom een balustrade. Bij een houten vloer praat je over een paar duizend euro arbeidsloon en wat constructiewerk. Bij beton wordt het pittiger, maar nog steeds te overzien.

De echte kosten zitten elders. Je raakt vloeroppervlak kwijt op de eerste verdieping, vaak zes tot acht vierkante meter. Voor een gezin dat krap zit met slaapkamers is dat een serieuze keuze. Tegelijk levert het iets op wat geen extra kamer ooit kan geven: een woonkamer die ook echt voelt als woonkamer, niet als een lange smalle bak met een laag plafond.

Architecten die in de stad liever optoppen dan uitbouwen, combineren beide bewegingen. Ze tillen het dak op, voegen er een verdieping bij, en houden boven de woonkamer juist een vide open. Zo verlies je geen woonruimte en krijg je toch het ruimte-effect.

De keerzijde: warmte en geluid

Er zijn twee redenen waarom de vide nooit helemaal verdwijnt en altijd weer terugkomt. Verloren warmte is de eerste. Warme lucht stijgt en blijft hangen tegen het plafond van de bovenste verdieping, ver weg van de mensen op de bank. In een slecht geïsoleerd huis betekent dat een hogere stookrekening en een koudere woonkamer. Volgens Milieu Centraal verdwijnt zonder degelijke dakisolatie een fors deel van de warmte via boven, en dat effect wordt door een vide alleen maar uitgesproken.

Geluid is het tweede probleem. Iedere kuch in de keuken klinkt door tot in de slaapkamer. Voor jonge gezinnen waar één partner laat werkt en een ander vroeg slaapt is dat een dagelijkse irritatie. Architecten lossen dat deels op met geluidwerend materiaal in de bovenwanden, maar dan moet die overweging wel vooraf op tafel liggen, niet pas wanneer iemand zich begint te ergeren.

Wanneer een vide wel of niet werkt

Een vide werkt als je voldoende slaapkamers overhoudt, je dak goed isoleert en je niet bang bent voor wat doorklinkend gerommel. Hij werkt vooral sterk boven een woonkamer met grote ramen, omdat het licht dan helemaal de ruimte kan vullen. In een rijtjeshuis met een diepe woonkamer is het effect het opvallendst: precies daar waar je het minst licht verwacht, krijg je het juist het meest.

Hij werkt niet als je nu al krap zit qua slaapkamers, als de begane grond een lage plafondhoogte heeft (onder de 2,40 meter) of als je het type bewoner bent dat in elk hoekje van zijn huis rust wil. Sommige mensen ontspannen pas wanneer alles dicht is. Voor hen blijft een vide vooral een gat waar warmte verdwijnt.

De keuze gaat dus niet alleen over esthetiek, maar over hoe je je huis wil bewonen. Wie meer ruimtegevoel zoekt zonder uitbreiden, vindt in de vide het architectonische antwoord van dit moment. Wie hechte privacy wil per kamer, kan beter een uitbouw of een dakkapel overwegen.

I
Geschreven door Ilias Tahiri Architectuur schrijver

Ilias is architect die kleine ruimtes groot laat voelen, een talent dat hij ontwikkelde toen hij als student in een Amsterdams appartement van 28 vierkante meter woonde en ontdekte dat noodzaak echt de moeder van uitvinding is. Hij schrijft over ruimtelijke oplossingen, plattegronden en waarom die open keuken misschien toch niet zo'n goed idee was — een mening die hem niet populair maakt op feestjes, maar die elke bewoner van een open keuken stiekem beaamt als de visgeur door het hele huis trekt. Ilias studeerde architectuur in Delft en werkte bij meerdere bureaus voordat hij zich specialiseerde in woningrenovatie. Hij gelooft dat goed ontwerp niet gaat om vierkante meters maar om hoe je ze gebruikt, en schrijft met de overtuiging dat een slimme plattegrond meer verschil maakt dan een dure verbouwing. Zijn tekentafel is inmiddels digitaal, maar zijn oog voor ruimte is nog altijd analoog.