Tips & Advies

De rekentool voor je opstalverzekering is verdwenen

· 6 min leestijd

Je hebt net een aanbouw laten zetten, de zolder laten isoleren of de keuken volledig vernieuwd. Waarschijnlijk heb je aan de aannemer gedacht, aan de vergunning en aan het budget. Aan je opstalverzekering waarschijnlijk niet. Toch verandert daar sinds dit jaar iets belangrijks, de Herbouwwaardemeter, het rekeninstrument waarop verzekeraars twintig jaar lang leunden om de herbouwwaarde van woningen te bepalen, is per 1 januari 2026 definitief gestopt.

Dat klinkt als klein administratief nieuws, maar het raakt precies het moment waarop veel huiseigenaren kwetsbaar zijn, vlak na een verbouwing, wanneer de waarde van je huis is veranderd en je polis dat nog niet weet.

Waarom de Herbouwwaardemeter verdween

Het Verbond van Verzekeraars ontwikkelde de Herbouwwaardemeter in 2003, als hulpmiddel voor adviseurs en verzekeraars om snel de gemiddelde herbouwkosten van een woning te schatten. Twintig jaar later bleek uit een rondvraag onder verzekeraars dat bijna niemand de meter nog gebruikte, terwijl de jaarlijkse ontwikkeling ervan wel geld kostte. Het Verbond trok de stekker eruit. 2025 was de laatste editie, en verzekeraars mogen de tool sinds 1 januari niet meer gebruiken als basis voor een garantie tegen onderverzekering.

Verzekeraars stappen nu over op eigen rekenmodellen en digitale databronnen. Dat klinkt moderner, maar het betekent ook dat de garantie die je vroeger kreeg als je de meter netjes had ingevuld, voor nieuwe polissen wegvalt. Jij bent dus zelf verantwoordelijker geworden voor een juiste opgave van de herbouwwaarde, en dat is precies waar een verbouwing om de hoek komt kijken.

Wat je opstalverzekering wel en niet dekt tijdens de klus

Een kleine verbouwing, zoals een nieuwe badkamer of vloerverwarming, valt bij de meeste polissen automatisch onder je bestaande opstalverzekering. Zodra je een aanbouw plaatst, een verdieping toevoegt of de constructie van je huis wijzigt, ligt dat anders. De herbouwwaarde van je huis stijgt, en als je dat niet doorgeeft, loop je het risico op onderverzekering, bij schade keert de verzekeraar dan maar een deel van de kosten uit, ook al betaalde je jarenlang premie over de oude waarde.

Veel polisvoorwaarden verplichten je om een verbouwing binnen twee maanden na afronding te melden. Vergeet je dat, dan kan de verzekeraar zich later beroepen op onderverzekering, precies op het moment dat je die dekking het hardst nodig hebt. Wil je voorkomen dat je verbouwbudget uit de hand loopt, dan is dit telefoontje naar je verzekeraar een van de goedkoopste stappen die je kunt zetten.

Waarom een CAR-verzekering vaak slimmer is tijdens de bouw

Tijdens de verbouwing zelf zit je met een extra probleem, je huis staat open. Er ontbreken ramen, deuren of een deel van het dak, en juist dan is de kans op waterschade, diefstal of brand het grootst. Een gewone opstalverzekering dekt die periode vaak beperkt of helemaal niet, omdat de polisvoorwaarden uitgaan van een afgesloten woning.

Daarvoor bestaat de CAR-verzekering (Construction All Risk), die specifiek de bouwperiode dekt, schade door storm, brand, diefstal van bouwmaterialen en zelfs fouten van de aannemer. Voor een particuliere verbouwing betaal je meestal tussen de 0,15 en 0,50 procent van de bouwsom, een aannemer met een doorlopende polis zit vaak lager, tussen de 0,08 en 0,35 procent van de aanneemsom. Boven een bouwsom van ongeveer vijf ton, of bij een bouwperiode langer dan een jaar, vragen verzekeraars vrijwel altijd maatwerk.

Vraag daarom eerst aan je aannemer of hij al een CAR-polis heeft lopen. Grotere aannemersbedrijven hebben dat vaak standaard, waardoor jij zelf niets hoeft af te sluiten. Werk je met een zzp'er of regel je het meerwerk grotendeels zelf, dan is een eigen CAR-polis voor de duur van de klus vaak de veiligere keuze.

De dekkingsgaten die bijna niemand ziet

Zelfs met een opstal- of CAR-polis blijven er gaten zitten waar huiseigenaren zich pas achteraf aan storen. Glasbreuk tijdens de verbouwing valt bij veel polissen buiten de dekking, terwijl juist tijdens een verbouwing ramen sneuvelen. Sloten en beveiliging die tijdelijk ontbreken, beperken de dekking bij diefstal. En sla je je inboedel tijdelijk elders op, bijvoorbeeld bij een opslagbedrijf tijdens een verbouwing van maanden, dan valt die inboedel meestal niet automatisch onder je bestaande inboedelverzekering.

Loop je onverhoopt in een conflict met je aannemer, dan helpt een rechtsbijstandverzekering, maar alleen als je die al had vóórdat het conflict ontstond. De meeste polissen kennen een wachttijd van drie maanden voor bouwgeschillen, dus achteraf afsluiten heeft geen zin meer. Combineer dat met het risico dat een aannemer failliet gaat en het wordt duidelijk waarom verzekeringen niet het sluitstuk van je verbouwing moeten zijn, maar onderdeel van de voorbereiding.

Dit is wat je deze week nog regelt

Heb je het afgelopen jaar verbouwd, plan je dat binnenkort, of loopt de klus nu? Bel dan je verzekeraar en geef de nieuwe situatie door, ook al bestaat de Herbouwwaardemeter niet meer waarop je vroeger kon terugvallen. Vraag concreet naar drie dingen, of de nieuwe herbouwwaarde is verwerkt, of de bouwperiode zelf gedekt is of dat je een CAR-polis nodig hebt, en of er een meldingstermijn geldt die je bijna laat verlopen.

Het kost een telefoontje van tien minuten. De verbouwing zelf koste je waarschijnlijk maanden en duizenden euro's, dus het zou zonde zijn als een vergeten formulier straks bepaalt of je bij schade alles vergoed krijgt of maar de helft.

M
Geschreven door Maarten de Groot Verbouwing & klussen schrijver

Maarten is timmerman met twintig jaar ervaring in de woningbouw en de littekens om het te bewijzen — inclusief dat ene ongelukkige incident met een decoupeerzaag waar hij liever niet over praat. Hij schrijft over verbouwen, klussen en renovatie met de nuchterheid van iemand die alles al een keer heeft zien misgaan, van instortende scheidingswanden tot waterleidingen die precies op vrijdagmiddag besluiten te lekken. Maarten begon als leerling-timmerman bij een kleine aannemer in Brabant en bouwde zijn kennis op van fundering tot dakkapel. Hij gelooft dat goede voorlichting de helft van de klussen voorkomt die hij later moet repareren, en schrijft daarom met het geduld van iemand die het al duizend keer heeft uitgelegd. Zijn motto: meet twee keer, zaag een keer, en lees eerst Maartens artikel.