De meeste verbouwers betalen meerwerk dat ze wettelijk niet hoeven te betalen. Niet omdat aannemers daar handig in zijn, maar omdat vrijwel niemand weet dat er een meldplicht bestaat. In artikel 7:755 van het Burgerlijk Wetboek staat zwart op wit dat een aannemer extra werk pas mag doorrekenen als hij dat vóóraf bij jou heeft aangekondigd. Geen waarschuwing vooraf, geen rekening achteraf. Klinkt simpel, en dat is het ook, maar in de praktijk werken aannemers er voortdurend omheen.
Wat de meldplicht precies inhoudt
De wet is opvallend strikt. Zodra een aannemer ontdekt dat het werk meer gaat kosten dan de afgesproken prijs, moet hij jou daarop wijzen voordat hij begint. Hij moet uitleggen wat de oorzaak is, wat het extra gaat kosten en jou de kans geven om akkoord te gaan of niet. Doet hij dat niet, dan kun je het extra werk weigeren te betalen, tenzij jij als opdrachtgever zelf had moeten begrijpen dat de wijziging duurder uitpakt.
Dat laatste zinnetje is de ontsnappingsroute waar aannemers vaak op leunen. Vraag jij om een halve meter extra muur op een aanbouw, dan snap je dat dat geld kost. Stuit de aannemer op een rotte balk in jouw vloer, dan is dat iets anders. Het is zijn werk om dat soort risico's in te schatten, niet jouw verantwoordelijkheid. Op Wikipedia staat een beknopt overzicht van wat er juridisch onder meerwerk valt en wat niet.
Waarom mondeling geen optie is
Bij rechtszaken over meerwerk gaat het vaak om hetzelfde patroon. De aannemer roept tijdens een rondje over de bouw iets als "die leiding moet trouwens nog vervangen worden, dat doe ik er even bij". Jij knikt, want je staat in een stoffige werkruimte met je hoofd al bij de keuken. Drie maanden later staat er 2.400 euro op de eindfactuur die je nergens hebt zien aankomen.
Rechters zijn op dit punt streng. Een mondelinge opmerking op de bouwplaats wordt zelden geaccepteerd als rechtsgeldige melding. Je moet kunnen aantonen dat je vooraf akkoord ging met een concreet bedrag. WhatsApp telt mee, e-mail telt mee, een appje met "akkoord" onder een prijsopgave telt mee. Een hoofdknik telt niet.
Het zwarte gat tussen offerte en eindafrekening
Tien tot twintig procent meerwerk is in de bouw heel normaal. De Consumentenbond noemt meerwerk-discussies de meest gemelde klacht bij verbouwingen boven de 25.000 euro. Het probleem is niet de buffer zelf, het probleem is dat die buffer pas zichtbaar wordt als je de eindfactuur opent. Tegen die tijd is het werk al gedaan, staan jouw spullen al in het nieuwe interieur en heeft de aannemer alle troeven in handen.
Daar zit ook de reden dat aannemers de meldplicht zelden uit zichzelf benoemen. Hoe minder jij van het wetsartikel weet, hoe makkelijker zij zonder voorafgaande toestemming kunnen doorwerken. Goede aannemers doen dat niet, maar in een markt met krappe planningen en veel onervaren bedrijven is het oppassen.
Vier regels die je vóór de start in het contract zet
Voorkomen werkt beter dan procederen. Leg deze vier punten schriftelijk vast voordat de eerste hamer valt:
- Meerwerk alleen na schriftelijk akkoord, met handtekening of duidelijke bevestiging per mail of WhatsApp.
- Een maximum uurtarief voor onvoorzien werk, zodat er geen verrassingen verschijnen op het loonstrookje van de stukadoor.
- Een lijst met uitvoeringsrisico's voor de aannemer: vloeren die niet vlak blijken, leidingen die niet voldoen aan de huidige norm, plaatstaal dat anders zit dan op de tekening. Dat is zijn vak, niet jouw geldzorg.
- Een eindafrekening met specificatie per uur en per materiaal, zodat je later kunt nagaan of een post terecht is.
Wil je ook weten welke standaardposten een aannemer graag in zijn voordeel laat staan? In een eerder artikel zetten we vijf kosten op een rij die structureel uit offertes worden gelaten.
Wat je doet als de melding er nooit kwam
Sta je voor een eindfactuur met posten die je niet kent, dan helpt het om kalm aan te beginnen. Vraag eerst schriftelijk om onderbouwing: wat is er gedaan, wanneer, op wiens verzoek en met welke prijs. Krijg je geen sluitend antwoord, stuur dan een ingebrekestelling waarin je verwijst naar artikel 7:755. De toon van het gesprek verandert dan vaak meteen.
Komt het tot een echt geschil, dan kun je terecht bij de Geschillencommissie, mits jouw aannemer is aangesloten bij een branchevereniging zoals Bouwend Nederland of de NVB. Niet aangesloten? Dan blijft alleen de kantonrechter over voor bedragen tot 25.000 euro, en daarboven de civiele rechter. Een goed dossier, mailcorrespondentie en foto's wegen daar zwaarder dan jouw verhaal.
Een belangrijk detail: je hoeft als opdrachtgever niet eerst te betalen om vervolgens terug te vorderen. Je mag de onbetwiste delen van de eindfactuur voldoen en het deel dat over niet-gemeld meerwerk gaat aanhouden tot er duidelijkheid is. Dat heet opschorting en het is een legitiem drukmiddel.
Wat dit betekent voor je volgende verbouwing
Een verbouwing zonder enig meerwerk bestaat eigenlijk niet. Bij oude huizen vindt elke aannemer wel iets achter de wand of onder de vloer dat extra werk oplevert. Daar gaat het niet om. Het gaat erom dat jij het moment hebt om ja of nee te zeggen, voordat de uren al gedraaid zijn.
Twee praktische dingen die je vooraf kunt doen: laat bij een woning ouder dan vijftig jaar een bouwkundige keuring uitvoeren voor je een offerte vraagt. Dat haalt veel verrassingen van tafel en dwingt de aannemer een eerlijkere prijs te maken. En reken in jouw eigen budget standaard tien tot vijftien procent extra in voor meerwerk dat wel terecht is. Dat geeft lucht zonder dat je je laat overdonderen door bedragen die nooit gemeld hadden mogen worden. Wie zijn materialen pas onderweg kiest, jaagt overigens de meerwerk-cijfers ook flink omhoog, dus dat hangt er nauw mee samen.
Een aannemer die jou serieus neemt, vindt deze regels prima. Een aannemer die zucht en zegt dat het allemaal wel meevalt is precies degene tegen wie de wet jou wil beschermen.