Interieur

Waarom Flexa dit jaar geen kleur kiest maar drie tegelijk

· 6 min leestijd

Verfproducent Flexa heeft de jaarlijkse aankondiging van de Kleur van het Jaar omgegooid. Voor 2026 wijst het merk geen één tint aan, maar een hele familie van drie indigoblauwen. De keuze heet The Rhythm of Blues en bestaat uit Slow Swing (diep), Mellow Flow (licht) en Free Groove (intens). Voor wie aan een verbouwing of opfrisbeurt begint, is dat geen detail. Flexa-aankondigingen voorspellen al jaren welke kleur in honderden Nederlandse woonkamers terechtkomt.

De drie tinten op een rij

Slow Swing is de donkerste. Een diep nachtblauw met een grijze ondertoon, geschikt voor een hele wand of zelfs een hele kamer als je durft. Mellow Flow is een lichte versie van dezelfde indigobasis, vrijwel pastel maar zonder de zoete uitstraling die je bij poederblauw ziet. Free Groove zit ertussenin: intenser, levendiger, een tikje paarsig als het licht tegen de muur valt. Flexa noemt deze drie de hoofdrolspelers in een breder palet van tien zogeheten Slow-kleuren, allemaal bedoeld om met de blauwen te combineren.

Het verschil met de jaren ervoor is groot. In 2025 was het nog Mauve Stone, een gedempt mauve. Daarvoor liepen de jaarkleuren via Sweet Embrace en Tranquil Dawn. Een hele familie aanwijzen is een breuk met dat patroon, en het maakt verschil voor iedereen die nu kleurkeuzes voor een verbouwing aan het maken is.

Waarom een familie en niet één kleur

Flexa motiveert de keuze met een argument dat ergens halverwege psychologie en marketing zit. In een drukke wereld zou er behoefte zijn aan rust, terwijl mensen tegelijk speelsheid en lef in hun huis willen. Eén kleur kan dat niet aan, drie wel. Diep blauw rust, licht blauw geeft lucht, het tussenliggende blauw biedt energie. Lees ook de officiële toelichting van Flexa voor de volledige redenering.

De praktische kant is interessanter. Wie in 2024 of 2025 een mauve muur durfde te schilderen, zit nu vast aan een tint die alweer uit beeld is. Een kleurfamilie geeft meer ruimte: je kunt slaapkamer, woonkamer en hal verschillend maken zonder dat de stijl uit elkaar valt. Voor architecten en stylisten die hele huizen aanpakken, is dat aantrekkelijker dan kiezen tussen één hippe tint of een veilig wit.

Wat dit betekent voor je verbouwing

Het belangrijkste effect zie je bij verfaanvragen. Bouwmarkten plaatsen de jaarkleuren centraal in hun displays vanaf januari, waardoor mengsels die op deze indigos lijken sneller leverbaar zijn dan exotischere keuzes. Voor wie nu een renovatie plant, scheelt dat wachttijd op pasteltinten of moeilijke aardetinten.

Inhoudelijk werkt indigoblauw anders dan grijs of beige. De grijze verbouwing valt sinds vorig jaar uit de gratie, en deze blauwen vullen dat gat zonder de rommelige gezelligheid van warme bruin- of mosgroentinten. Op witte plafonds en houten vloeren werkt Slow Swing rustig, op licht eikenhout krijgt Mellow Flow bijna een Scandinavisch effect.

Voor wie kiest tussen alle drie: gebruik Slow Swing in een kamer met genoeg licht (anders wordt het hol), Mellow Flow op grote vlakken in donkere kamers waar je toch kleur wilt, en Free Groove als accent op een nis, een schoorsteen of een binnendeur. Dat laatste sluit aan bij een trend die de afgelopen maanden ineens overal opduikt.

Het tien-kleuren palet rondom de blauwen

Naast de drie hoofdtinten staan zeven kleuren die Flexa als Slow palette presenteert. Daar zitten warme witten in, een gedempt botergeel, een terracotta-achtige roze en een diep olijfgroen. Die zijn niet bedoeld om hoofdrol te spelen, maar om met de indigos samen te werken in lijstwerk, plafonds, kozijnen en kleinere vlakken.

In de praktijk is dit de set waarmee een professionele schilder of stylist een hele woning vormgeeft. Wie zelf met de drie blauwen aan de slag wil, doet er goed aan om voor de neutrale tinten dezelfde lijn aan te houden. Mengen met een wit van een ander merk lijkt onschuldig, maar geeft vaak een andere ondertoon waardoor de muur naast Slow Swing plotseling vergeeld lijkt.

De fouten die nu al zichtbaar worden

Diep blauw is verraderlijk in kleine ruimtes. Wie Slow Swing in een hal van anderhalve meter breed schildert, krijgt een tunnel-effect dat geen daglicht kan tegengaan. Hetzelfde geldt voor noord-georiënteerde slaapkamers: de blauwe ondertoon versterkt de kilte van het licht in plaats van die te neutraliseren.

Een tweede fout zit in de afwerking. Flexa adviseert mat voor de donkere variant, maar veel doe-het-zelvers grijpen automatisch naar zijdeglans. Het resultaat is een muur die elke vingerafdruk laat zien en bovendien veel feller blauw lijkt dan op het kleurenkaartje. Mat slokt licht op en houdt het indigo zoals het bedoeld is.

Tot slot vraagt blauw om een neutrale meubelkeuze. Felle accentkleuren, glanzend goud en koperen lampen zoals die in 2023 populair waren, vechten met deze tinten. Stylisten waarschuwen al langer voor te druk gestapelde accenten, en bij dit palet wordt die regel nog strenger.

Voor wie deze trend goed uitpakt

Niet elke woning past bij een indigokeuze. Jaren-30-huizen met veel daglicht en hoge plafonds lenen zich uitstekend, net als naoorlogse rijtjeshuizen waar de woonkamer een grote raampartij heeft. Appartementen op het noorden of kamers met weinig vierkante meters hebben er minder aan, ondanks dat Mellow Flow op papier lichter klinkt.

Wie eraan begint, doet er goed aan om eerst een proefvlak van een halve meter aan te brengen en dat 48 uur te laten staan. De drie blauwen veranderen sterk met daglicht, kunstlicht en avondzon. Pas na een dag in de echte ruimte zie je of Slow Swing inderdaad rust geeft of dat het toch Mellow Flow moet worden.

M
Geschreven door Maarten de Groot Verbouwing & klussen schrijver

Maarten is timmerman met twintig jaar ervaring in de woningbouw en de littekens om het te bewijzen — inclusief dat ene ongelukkige incident met een decoupeerzaag waar hij liever niet over praat. Hij schrijft over verbouwen, klussen en renovatie met de nuchterheid van iemand die alles al een keer heeft zien misgaan, van instortende scheidingswanden tot waterleidingen die precies op vrijdagmiddag besluiten te lekken. Maarten begon als leerling-timmerman bij een kleine aannemer in Brabant en bouwde zijn kennis op van fundering tot dakkapel. Hij gelooft dat goede voorlichting de helft van de klussen voorkomt die hij later moet repareren, en schrijft daarom met het geduld van iemand die het al duizend keer heeft uitgelegd. Zijn motto: meet twee keer, zaag een keer, en lees eerst Maartens artikel.